Hemelse Himalaya’s deel 2

Het is koud en het ijs staat weer op de tent. De vlakte krijgt langzaam zon en we nemen het ervan met ontbijten. Langzaam pakken we in. Snel lukt hier niet. We bevinden ons op 4900 meter en dat is te voelen.

Steven rolt rustig de matjes op, ik stop mijn kleren in een tas. Na deze kleine inspanning tolt het door mijn hoofd. Even rechtop zitten en een slok water nemen en dan de volgende tas. Als alles op de fietsen zit kijken we elkaar tevreden aan. We zijn klaar voor nog een dag door de Himalaya’s, een bijzondere dag, want vandaag gaan we nog een keer flink klimmen.

Als we aan het eind van de vlakte komen zien we de pas al liggen. We zien de weg liggen die ons naar de top moet brengen. “Om twee uur moeten we daar toch kunnen zijn!” zegt Steven en ik stem met deze inschatting in. Het ziet er allemaal niet zo heftig uit. Ook al moeten we nog 18 kilometer klimmen we zien het beide wel zitten. We maken een begin aan de klim en zoeken dan een plekje voor een kop warme soep. We vinden een mooi plekje in een droogstaande rivierbedding en binnen mum van tijd kookt het water al.

Het klimmen op de 2e hoogste weg van de wereld valt ons zwaarder dan gedacht……het gebrek aan zuurstof is op deze hoogte een feit en we moeten vaak stoppen om bij te komen. Steven komt snel weer bij, maar ik voel me benauwd en blijf kortademig.

“Als het niet gaat hou ik zo een auto aan hoor!” hoor ik Steven zeggen terwijl hij op me wacht. “We zijn er bijna ik kom er heus wel!” is mijn antwoord terwijl ik de volgende bocht in zicht krijg. Nog een paar bochten te gaan naar de top, het lijkt een eitje, maar de wielen rollen tergend langzaam. Nog maar weer even uithijgen en dan op de trappers voor het laatste eindje. We gaan het halen, de gebedsvlaggetjes kunnen we al zien. De laatste paar meters voelen heerlijk en van de benauwdheid heb ik even geen last. Na al die hoogtemeters door de Himalaya’s hebben we de hoogste pas bereikt en staan we op 5360 meter! Het bordje “unbelievable is not it” bekijken we met een glimlach. Ik plof neer terwijl Steven genietend rondloopt en foto’s maakt.

Het is inmiddels vijf uur en een stuk kouder op de top door de wind. Voor we beginnen met de afdaling doen we snel wat meer kleren aan. Het slechte asfalt maakt plaats voor een spiksplinternieuwe weg en het vreugdegevoel van onze prestatie verwerken we terwijl we naar beneden glijden. Genieten van de schitterende afdaling duurt helaas maar even want het gladde asfalt stopt en gaat over in verschrikkelijke gaten en hobbels. Handen bij de remmen en af en toe een voet aan de grond om het evenwicht te houden. Het begint al een beetje te schemeren als we uiteindelijk een witte tent zien verschijnen. We proberen een plekje te vinden voor onze tent, maar dat lukt niet. We besluiten een nachtje in de dhaba te slapen. Na een bak warme noodles ztten we de fietsen in de grote tent. Er zijn bedden langs de kant van het tentdoek gemaakt op wat stenen. We leggen onze matjes erop en halen slaapzakken te voorschijn. Terwijl de militairen uit de omgeving nog een drankje komen drinken, val ik in slaap, want moe ben ik wel na deze schitterende maar o zo zware dag.

We worden vroeg wakker, want de eerste truckers staan voor de deur omdat ze willen ontbijten. Om 6.30 zitten we op onze zadels en dalen we prachtig af. We komen door kleine dorpjes met mooie traditionele huizen. Mensen zijn aan het werk in de velden en de oogst wordt vervoert op de ruggen van de paarden. De bergen zijn kaal, maar door het vele water is de vallei knalgroen. Het afdalen is genieten geblazen na al het geklim en al snel fietsen we langs de Indus richting Tikse. De laatste kilometers voor Leh gaan nog weer even de lucht in, maar eenmaal in Leh aangekomen vinden we een leuke kamer.

Leh is een leuk stadje. De mensen zijn erg vriendelijk en het gaat er allemaal lekker rustig aan toe. We vermaken ons hier prima. We fietsen nog een dag naar Tikse waar we de fietsen neerzetten en naar het klooster lopen dat op een heuvelrug ligt. In Leh zelf is een festival gaande. Veel folklore waar zowel de lokale bevolking als de toeristen van genieten. We gaan een paar keer naar een polowedstrijd. Het gaat er fanatiek aan toe en het is uitkijken voor het publiek dat de bal niet in de buurt komt, want dan krijg je alle paarden en spelers en polosticks ook over je heen.

In Leh hakken we de knoop door voor het vervolg van de reis. Spanje zit al een tijd in het hoofd en met alle onrust in Pakistan besluiten we de fietsen in te pakken en boeken we tickets naar Barcelona. Deze tocht door de Himalaya’s is voorlopig een adembenemend eind geweest voor ons in India.

Morey Plains – dhaba 5 km voor Rumtse: 42 km
Rumtse – Leh: 84 km
India totaal in 2008: 2247 km

 

 

 Reageer jij als eerste?

 

Geef een reactie