Iran indrukken…………..

Zondag 13 november was het zover. De wekker ging om 7:00u om een mooie vroege start te maken richting Turks/ Iranese grens. Bij een blik naar buiten kwamen we erachter dat het bij een idee van een vroege start zou blijven.

De daken, de auto’s en de straat zagen wit van de naar beneden dwarrelende sneeuw. Een mooi gezicht maar voor ons een reden om ons nog maar een keer om te draaien. Na nog een uur geslapen te hebben alsnog opgestaan. Ondaks de sneeuw hadden we allebei erg veel zin om aan ons nieuwe avontuur Iran te beginnen. Na een tijd naar buiten gekeken te hebben de knoop doorgehakt, we gaan naar Iran!

Spullen pakken, fietsen opladen en nog even een ontbijtje eten in ons “restaurantje”. Hierna door de sneeuw naar de grote weg richting grens gefietst. Het sneeuwde niet meer en de dooi was ingetreden. Marlous genoot dit stuk nog van het fietsen met haar haren in de wind. In Iran moet het haar bedekt zijn van een vrouw en dat zal wel even wennen zijn. Zolang we nog in Turkije fietsten liet Marlous haar haren lekker wapperen. Na een tijd fietsen hadden we normaal gesproken Mount Ararat kunnen zien. Helaas zagen we nu een wit veld, witte lucht en zelfs een kudde witte schapen. Wel apart om ons laatste stuk Turkije door een winters landschap te fietsen. De grens kwam snel en voor we er erg in hadden stonden we voor een hek waar we doorgewuifd werden. Marlous pakte haar hoofddoek uit de tas en begon aan een ritueel die in Iran dagelijkse kost zou worden.

Nog een hek door en we stonden op Iranees grondgebied. Met de fietsen en al werden we een aula ingewuifd door twee militairen. Hier stond een grote groep mensen netjes in de rij te wachten tot ze hun paspoorten af konden geven aan het loket. Voor ik erg in had werden onze paspoorten uit mijn handen gepakt en werd ik door de wachtende mensen voor in de rij neergezet. Daar werd ik direct geholpen door de douanebeamte. Stempels erin, vriendelijk knikje, lach en groet van de wachtende mensen en we konden Iran binnen!
De eerste nacht hebben we doorgebracht in Maku niet ver van de grens. Hier hebben we kaarten gekocht van Iran, deze konden we nergens vinden in Turkije. Verder zaten we met een Nederlands stel in het hotel die we in Dogubuyazit al hadden ontmoet. Erg leuk om de eerste avond in Iran gezellig met zijn vieren uit eten te gaan en de Iranese kebab te proeven.

In vier dagen fietsen we van de grens naar Tabriz. Tijdens het fietsen maken we kennis met de mensen en het leven hier in Iran. De eerste indrukken zijn super. Mensen stoppen vaak en zo krijgen we van alles aangeboden. Een van de dagen stopt er een man en vraagt of we een kop thee willen. Het is een koude dag dus dat gaat er wel in. Na het 2e kopje gaat hij opeens weg. “Wat we met de kopjes moeten doen?” weten we nog te vragen. “Oh, laat maar staan ik haal ze wel weer op.” Verder ruilen we fruit voor biscuitjes en eten we kip met rijst op de achterbak van een auto.
Tabriz is onze eerste grote stad in Iran en een goed punt voor een dagje rust. Verder heeft Tabriz een ontzettend grote en oude bazaar die een bezichtiging waard schijnt te zijn. Tijdens onze zoektocht naar een hotel komt er een man op ons af met een kaartje van een fietsenmaker. Hij heeft een fietsenzaak en toeristen krijgen een gratis service beurt. Goed om te weten voor ons want Marlous is toe aan een nieuwe buitenband. Wanneer we met de fietsen naar deze fietsenmaker gaan loopt er een Iranees met ons mee die engels spreekt. Dankzij hem vinden we het juiste winkeltje en hij helpt ons vertalen dat we op zoek zijn naar een nieuwe buitenband. Voor we het weten staat de fiets van Marlous binnen en wordt deze helemaal uit elkaar geschroeft door twee jongens. De baas van de winkel is gebeld en als hij komt wordt ons thee aangeboden en krijgen we te horen dat onze fietsen een grote beurt krijgen en dat dit een gratis service is. Tijdens het wachten krijgen we brieven en foto’s te zien van fietsreizigers die ons voor zijn gegaan. Op een van de foto’s zien we Rob en Lucie staan. Dit Nederlandse stel ligt ons sinds vertrek uit Nederland een paar weken voor en we zijn al regelmatig op plekken geweest die zij ook bezocht hebben. Nu dus ook weer. Na 3 uur zijn onze beide fietsen weer helemaal spik en span. Alles is schoongemaakt, gevet en nagekeken. Van betalen is geen sprake zeker niet nadat we een doos gebak hadden meegebracht en foto’s hebben gemaakt. Het enige wat onze grote vriend de fietsenmaker wil is een paar zinnen in een gastenboek, wat foto’s, het liefst een kaartje en een stevige hand. Alles kan hij krijgen de topper!

Tijdens de trip van Tabriz naar Teheran hebben we nog een aantal mooie ontmoetingen gehad. Zo zijn we in Mianey bij een zoektocht naar een goedkoop hotel uitgenodigd bij een Iranees stel. Heibod, Elham en “Mom” zagen ons zoeken en vroegen of ze konden helpen. Na onze uitleg vroegen ze of we bij hun wilden logeren. Prima! Eerst moesten we met ze naar een restaurant om te lunchen. Daarna naar hun fabriek waar ze plastic flesjes maken. Het woord fabriek is een groot woord voor een loods met een kleine machine maar toch. Hier mochten we even blijven zitten en thee drinken terwijl ze nog wat zaken regelden in de stad. Hierna pakten we onze spullen en reden we met Heibod, Elham en Mom in de auto naar een klein dorpje buiten Mianey. Bij een groot hek met bewaker gingen we naar binnen. Heibod vertelde dat dit het grondgebied van zijn rijke familie was en hij en Elham wonen tijdelijk hier in het vakantieverblijf. Heibod en Elham komen oorspronkelijk uit Teheran en zijn sinds kort buiten de stad gaan wonen om hun flessenfabriek op te kunnen starten. Bij binnenkomst werden we direct als belangrijke gasten behandeld. We moesten ons vooral ontspannen en thuisvoelen. Verder werd de vloer voor onze bank volgezet met allemaal heerlijke hapjes. Elk hapje moesten we proeven en alles was voor ons. Wel een beetje ongewennig om zomaar bij vreemde mensen al hun lekkers op te eten. Zelf namen ze niets of nauwelijks. ’s Avonds volgde nog een dinner die we gezamelijk hebben gegeten.
Het leuke van ons verblijf met Heibod, Elham en mom (de moeder van Elham) was dat we de hele middag en avond met ze hebben zitten praten of cultuur, religie en politiek. Hierbij hebben we erg veel geleerd over Iran en het heeft ons een goed beeld gegeven over het land. Elham en Heibod zijn beide erg vrij in hun denken en ze willen erg graag democratie in Iran. In huis heeft Elham geen hoofddoek op en buiten draagt ze hem half over haar haar. Haar moeder daarentegen gaat geheel gekleed in een zogenaamde Chador. Dit is een soort zwart kleed die haar van top tot teen bedekt. Mom geeft aan dat ze zich erg veilig voelt als ze een Chador draagt. Als we ’s ochtends weer verder willen wordt ons gevraagd om te blijven. Dit vinden we heel lief maar we willen graag weer door. Daarnaast zijn wij beide geen mensen die alleen maar “gast” kunnen zijn. Mom verteld ons dat ze voor ons gebeden heeft en we krijgen van Elham en Heibod een hele lijst met telefoonnummers en een telefoonkaart voor het geval dat.

Tot Qazvin was het landschap van Iran nog erg mooi en afwisselend. We fietsten door bergen en stegen hierbij af en toe boven de 1900m uit. Verder mooie dalletjes met rivieren en veel te zien. In een van deze mooie dalen werden we ingehaald door een Ierse motorrijder. Deze Ier, Sam genaamd kon het niet laten even te stoppen en gezellig te kletsen. Hij vond ons helemaal “mad”! Zeker nadat we vertelden dat we al 6 maanden aan het fietsen waren en het plan hadden om net als hij naar Australie te gaan. Nog even voor hem posseren, de hand schudden en daar ging hij weer.
Na Qazvin werd het landschap wat saaier. Het werd vlak, de weg breed en druk. Verder weinig te zien om ons heen en met alle vrachtwagens en auto’s zagen we bijna alleen maar asfalt. We hadden de vrijdag uitgekozen om Teheran in te fietsen aangezien dit de zondag is voor Islamitische landen. We hoopten op deze manier de paar miljoen auto’s te vermijden die er op werkdagen schijnen te rijden. Met nog steeds een bult auto’s reden we redelijk makkelijk de stad binnen. In het centrum kwamen we opeens terecht in een stoet vrachtwagens en militairen. Op de vrachtwagens stonden militairen bij een stapel grafkisten. Verder erg veel mensen die zongen, zwaaiden, riepen, zichzelf sloegen en stonden te kijken. Rondom de vrachtwagens liepen veel mannen die aan het huilen waren en er werden lintjes uitgedeeld. Een gek gevoel kregen we ervan en we hebben niet echt kunnen achterhalen wat het was. Wat ons duidelijk is geworden is dat het een speciale viering was die een aantal eeuwen teruggaat. Het was een soort herdenking en wij hebben ervan gemaakt dat het een herdenking was voor de gevallen soldaten. Uiteindelijk wisten we ons los te maken van de stoet en vonden we via rustige weggetjes een hotelletje.

In Teheran was het tijd om een rondje ambassades te doen en onze visa te gaan regelen voor Pakistan en India. We hadden van verschillende reizigers begrepen dat het erg lastig kon worden om een visum voor Pakistan te krijgen. Een groot deel toeristen wordt geweigerd en vaak moet je erg lang wachten en regelmatig langs de ambassade gaan. Wij hadden ons voorbereid op een drukke week met veel wachten, aardig doen en geduld uitoefenen. Om goed voorbereid naar de Pakistaanse ambassade te kunnen was ons eerste bezoek aan de Nederlandse ambassade. De ambassade vinden was misschien wel de grootste opgave van ons rijtje ambassade bezoeken. We hebben een verouderde Lonely Planet (lees reisgids) en de ambassade is overduidelijk verhuisd. Toen we een kantoor binnen liepen werden we geholpen door een engels sprekende zakenman. Deze ging voor ons bellen en regelde een taxi aangezien we naar de andere kant van de stad moesten. Op de ambassade kwamen we oog in oog te staan met een portret van Hare Majesteit. Onze “letters of recommendation” waren snel geregeld en kwamen later goed van pas. Dit zijn brieven van de Nederlandse ambassade aan de ambassades van pakistan en India waarin wij voorgesteld worden en wat ons moet helpen het land binnen te komen. In minder politieke taal zijn het twee erg dure velletjes papier geweest met wat mooie woorden erop.

Bij de Pakistaanse ambassade waren we de eerste dag te laat om onze aanvraag dezelfde dag af te ronden. De tweede dag werden we erg vriendelijk geholpen en na wat wachten kregen we een telefoonnummer met de mededeling dat we de volgende dag konden bellen om te informeren of we welkom waren in Pakistan. Na deze ambassade op naar de Indiase om daar ook de aanvraag te doen. Dit ging allemaal iets vlotter en wederom kregen we een nummer om te bellen. Toen we een dag later de Pakistaanse ambassade belden kregen we te horen dat we een visum voor Pakistan konden halen en dat we dit een dag later konden regelen. Uiteindelijk hebben we het visum voor Pakistan in 3 dagen kunnen regelen zonder enig probleem of moeilijk doen. Het visum hebben we vandaag opgehaald en ook dat heeft ons geen enige moeite gekost. Heerlijk! Het visum van India is geldig tot 1 april 2006 en dat betekent voor ons dat we die dag Nepal binnenfietsen. Vanaf dan zullen we in een week of twee naar het Noble House fietsen en daar als alles goed is een half jaar verblijven.

Tijdens ons verblijf hier in Teheran hebben we lekker wat rondgelopen, zijn we naar een aantal musea gegaan en hebben we een mooi paleis bezocht. Verder hebben we besloten dat we nu nog een week of 3 in Iran zullen zijn. We merken allebei dat we Iran wel leuk vinden maar dat we ook de ontspannenheid missen. We zijn beiden types die erg gesteld zijn op onze vrijheid en het los omgaan met andere mensen. Tot nu toe merken we dat we hier het lachen en soepel contact maken met de mensen een beetje missen. Marlous gaat gekleed met een sjaal om haar hoofd en mist hierin de vrijheid om zelf de keuze te hebben wat ze draagt. Verder hebben we in Turkije een lading contant geld moeten opnemen aangezien dit in heel Iran niet mogelijk is. Het is voor ons niet mogelijk om met onze creditcard of pinpas geld op te nemen. Dit komt door de politieke situatie met de USA enzo. Lastig verhaal en voor ons gewoon onhandig! Tot nu toe levert het geen probleem op alleen we kunnen niet de geplande maanden in Iran verblijven en dat vinden we eigenlijk ook wel prima.

Morgen stappen we weer lekker op de fiets. We hebben genoeg stad gehad en zijn klaar met dingetjes regelen. Even weer lekker simpel de trappers rond en de kop in de wind. Op zijn Gronings “Kop der veur!!” We gaan in een ruk de 150km naar Qom fietsen. Daarna in een paar dagen naar Esfahan wat de “stad” van Iran schijnt te zijn. Hier willen we nog een paar dagen rondkijken voordat we richting oosten sturen en richting woestijn. Morgen adieu lawaai, adieu smog, adieu mensen maar ook adieu prachtig maffe stad die leeft en waar we zeker naar terugkeren! Adieu!

Dogubuyazit (Turkije) – Maku (Iran): 59km
Maku – Qarah-Ziya’Oddin: 87km
Qarah-Ziya’Oddin – Marand: 114km
Marand – Tabriz: 76km
Tabriz – Bostan Abbad: 66km
Bostan Abbad – Mianey: 116km
Mianey – Zanjan: 145km
Zanjan – Abhar: 98km
Abhar – Qazvin: 94km
Qazvin – Karaj: 113km
Karaj – Teheran: 48km

 

 

 Reageer jij als eerste?

 

Geef een reactie