Koffie, tempels en op zoek naar de uitgang

Nadat we genoeg over stenen hebben gehuppeld is het tijd om de watervallen van Tadlo tot ziens te zeggen. We stappen op de fiets en beginnen aan een rondje over het Bolaven Plateau. Het plateau ligt op 1000 meter hoogte en onze dag begint dus met een klim.

De hellingen naar het plateau lopen erg langzaam op wat ervoor zorgt dat we nauwelijks door hebben dat we stijgen. Het is een leuk stuk fietsen met de voor Laos zo onmiskenbare huizen op palen. Deze hoogbouw is overal in het land te vinden en het levert mooie dorpjes op. Zodra we het laagland achter ons laten zien we de eerste struiken waar dit gebied zo beroemd om is: koffie! Als echte koffieliefhebbers is dit het walhalla en we genieten van al het nieuws dat we zien. De koffiestruik groeit werkelijk overal en veel zitten vol met rode en groene bessen.

Voor elk huis liggen deze bessen te drogen en bij een klein fabriekje aan de kant van de weg worden we uitgenodigd een kijkje te nemen. Na het plukken van de bessen worden deze in de zon gedroogd. Zodra al het vocht eruit verdwenen is haalt men de vliesjes eraf in een schudmachine en komen de nu nog groene koffiebonen te voorschijn. Deze bonen worden verhandeld en door de koffiebedrijven gebrand om zo de koffie te verkrijgen die klaar voor gebruik is. In het midden van het Bolaven Plateau ligt het stadje Paksong wat wel de koffiehoofdstad van Laos wordt genoemd. Hier willen we een kijkje nemen op de maarkt waar alle koffie verhandeld schijnt te worden. De markt is groot en alles is er te krijgen behalve de koffie. Na wat navragen blijkt de handel hier niet meer te zijn en gaat alles direct naar grote exporteurs. Gelukkig weet men op de markt wel hoe ze moeten koffiezetten en genieten we alsnog van de koffie in deze speciale hoofdstad.

Na Paksong hebben we een superluxe dag met een 50 kilometer lange afdaling richting Pakse. We hoeven niets te doen en genieten van het landschap dat langs schiet. Halverwege duiken we een klein zandpaadje in om de hoogste waterval van Laos te bekijken. Bij het Tad Fane resort dat dezelfde naam draagt als de waterval drinken we een kop koffie terwijl we neerkijken op een straal water dat 120 meter de diepte instort. Een fantastisch schouwspel om te bekijken op een zeer magisch plekje. Het ressort trekt ons echter niet en we fietsen weer verder de Mekong tegemoet.

In Pakse ontmoeten we weer een Santos-fietscollega ditmaal uit België. Koen is al een tijd met de fiets onderweg maar nog steeds heerlijk enthousiast. We komen erachter dat we al via de email contact hebben gehad wat de ontmoeting nog leuker maakt. Koen heeft een andere route dan wij maar het zit er dik in dat onze wegen zich binnenkort weer zullen kruisen in Thailand.

We zijn op weg naar Champassak wat vlak bij de ruines van een oude Khmer tempel ligt. De ruines schijnen te dateren uit dezelfde periode als Angkor Wat in Cambodja en we hebben gelezen dat deze twee plaatsen vroeger met een weg verbonden waren. Om in Champassak te komen moeten we met een klein veerbootje de Mekong oversteken. Sinds we de Mekong in het noorden van Laos voor het eerst bevoeren is de rivier danig veranderd. Was hij in het noorden nog smal en vol met stroomversnellingen, nu is hij bijna een kilometer breed met een kalme stroming in zich. Ons veerbootje bestaat uit twee smalle roeiboten die met wat planken aan elkaar verbonden zijn. De fietsen passen er precies op en het vaart uitstekend. In Champassak vinden we een guesthouse met uitzicht op de brede rivier en ‘s avonds genieten we van de kleine vissersbootjes die ons passeren.

Met de fiets gaan we naar Wat Phu, het Khmer tempelcomplex. Over een klein weggetje slingeren we door het landschap en passeren we kleine dorpjes. Een van deze dorpjes was vroeger de stad die bij het tempelcomplex hoorde maar hier is niets meer van zichtbaar. We zijn lekker vroeg gegaan om de drukte en de hitte te vermijden. Met een laagstaande zon in de rug bekijken we de schitterende bouwstijl die dateert uit 700 na Christus. Elke steen past precies in de ander en de beelden lijken levensecht. Het complex ligt voor een deel op een heuvel en van de bovenste tempels hebben we een schitterend uitzicht over de Mekong en het omliggende land. Als we weer bij ons guesthouse zijn arriveert er een andere fietser. Hervé komt uit Frankrijk en is inmiddels 3 jaar met de fiets onderweg. Hij is vanuit Frankrijk vertrokken en dwars door de woestijnen van noord China gefietst. Hervé leeft net als wij zijn droom en het is prachtig om samen over de route te praten.

Onze laatste stop in Laos is het Khong Island dat midden in de Mekong ligt. Wederom steken we met een bootje de rivier over om 2 nachten midden in de rivier door te brengen. Het Khong Island is een van de grotere eilanden die in het zuiden van Laos in de Mekong liggen. Het gebied hier heet in het laotiaans “4000 eilanden” wat weer iets zegt over het aantal zullen we maar zeggen. De Mekong is hier in het zuiden op zijn breedst met een indrukwekkende breedte van 14 kilometer (inclusief eilanden).

Met bijna 2000 kilometer fietsen in Laos beginnen we aan ons laatste stukje van dit mooie land. We hebben begrepen dat we het allerlaatste stukje over een zandpad moeten fietsen en staan dus niet vreemd te kijken wanneer het asfalt stopt onder de banden. Het zandpad is erg breed en met zo’n 2 kilometer te gaan denken we snel bij de grens te zijn. Na 4 kilometer hebben we alleen nog geen grens en is de breedte gereduceerd tot een smal strookje zand temidden van de begroeing.

Marlous mompelt dat het niet klopt, ik krab achter de oren en met niemand in de buurt fietsen we eerst nog even door. Het paadje wordt niet beter en onze stemming ook niet. We keren om naar een ander pad dat ik gezien heb. Ik besluit hier een stukje in te lopen om te kijken of ik iets zie. Het pad is alleen nog smaller dan de rest dus dit kan het niet zijn. We besluiten een stuk terug te fietsen in de hoop dat we een splitsing gemist hebben. Als we bijna bij het asfalt terug zijn komen er 3 motortaxis aan die andere toeristen naar de grens brengen. Zij leggen ons hoe te rijden en we volgen in hun sporen. Zodra we op de kruizing komen waar we eerder stilgestaan hebben ligt er een tak over de weg om ons in de juiste richting te sturen. Fietsend over het pad dat ik in eerste instantie voor onmogelijk had gehouden bereiken we de hutjes die de grens vormen. In de houten hutjes worden onze paspoorten gestempeld en we kunnen op weg naar de grenspost van Cambodja.

* Tadlo – Paksong: 67km
* Paksong – Pakse: 56km
* Pakse – Champassak: 39km
* Champassak – Khong Island: 107km
* Khong Island – grensovergang Cambodja: 54km
Laos totaal: 1966km

 

 

 Reageer jij als eerste?

 

Geef een reactie